Basisonderwijs  
WebQuest Schepping
De Hemelvrouw

De Hemelvrouw De Irokezen, een indianenvolk uit Noord-Amerika, vertellen hun kinderen het verhaal over Skywoman, de Hemelvrouw.

Hemelvrouw woont in een land ergens in het heelal. Ze is getrouwd met Taronhiawakon, de Beschermer van de Heelal. Hij wordt ook wel de Grote Geest genoemd. Ze verwachten een baby. Op een dag droomt Taronhiawakon dat zijn vrouw op zoek moet gaan naar de Wereld van Duisternis. De ingang naar deze wereld is een tunnel vol licht, aan de voet van de Boom van het Licht. De volgende dag brengt hij zijn vrouw naar de boom. Hij geeft haar een zetje en Hemelvrouw valt door de tunnel in de richting van de Wereld van Duisternis. In haar hand houdt ze zaden van de Boom van het Licht.

Dit is een tekening van William Crouse  

In de Wereld van Duisternis is alleen nog maar water. Maar er wonen al wel waterdieren, zoals de bever, de fuut, de gans en de muskusrat. Twee ganzen zien Hemelvrouw vallen. Ze vliegen haar tegemoet om haar op te vangen met hun vleugels.

De waterdieren zijn eerst heel bang voor het licht, maar al snel beseffen ze dat de Hemelvrouw land nodig heeft om uit te rusten. Ze besluiten een droge plek voor haar te maken. Eerst duikt de bever diep onder water op zoek naar aarde. Hij heeft geen succes. Na een tijd komt zijn dode lichaam boven drijven. Dan is het de beurt van de fuut. Ook hij heeft geen succes. Als laatste duikt de muskusrat naar beneden. Iedereen wacht in spanning af. Daar komt het dode lijfje van de rat naar boven drijven. In zijn pootjes zit wat aarde. De dieren leggen deze aarde op de rug van de schildpad.

Dan zetten de ganzen Hemelvrouw voorzichtig op de rug van de schilpad. Als ze rondloopt, merkt ze dat er steeds meer aarde komt. En het duurt niet lang of er is genoeg plaats om de zaden van de Boom van het Licht te planten. Zo ontstaat het Schildpadeiland. Na een tijdje wordt het kindje van Hemelvrouw geboren. Het meisje, Tekawerahkwa, groeit op tot een knappe vrouw. Wanneer Westenwind voorbij komt en haar ziet, wordt hij smoorverliefd. Ze krijgen een tweeling. Okwiraseh (de Goede Geest) en Tawiskaron (de Kwade Geest) Jammer genoeg gaat Tekawerahkwa dood. Maar uit haar dood komt ook iets goeds voort. Uit haar lichaam groeien maïs en andere groentes. Zo hebben de mensen te eten.

Inmiddels krijgt de tweeling ruzie. Okwiraseh gaat naar zijn grootvader Taronhiawakon. Die leert hem om nieuw leven te maken. Vanaf die tijd is Okwiraseh druk met het scheppen van mensen, dieren en planten. Maar Tawiskaron is jaloers en schept stormen en giftige planten om de mensen dwars te zitten. Maar aan het eind wordt hij door Okwiraseh verbannen naar een grot, diep in de aarde.
© Kennisnet | Disclaimer | Over ons | Contact